Volgers

dinsdag 13 oktober 2015

WATERVALLEN VAN RODEN


Wandelen in het landelijke Roden (Dr.) vanaf havezate Mensinge: eerst glibberend door de modder langs het afwateringskanaaltje De Loop, dan een stuk over de dijk langs het Oude Diep die na de vistrap, de watervallen van Roden, in het meanderende Lieversche Diep overgaat; het kleine Sterrebos doorsteken naar het grote Mensingebos, links afslaan naar het stille ven en via de Oude Vaart en de voetbalvelden weer terug naar Mensinge. Zo’n zeven kilometer met onze hond struinen door het open veld, langs sloten en beken en door het bos. In alle seizoenen prachtig, vooral op stille zondagochtenden, en een eldorado voor honden. Want Ayke mag overal vrij rondlopen, plassen doen en geurvlaggetjes achterlaten bij elke boom, gave droge drollen draaien in het malse gras én zwemmen.
Eén van die mislukte politiemannetjes in de stad, zo’n BOA, die ons vanuit zijn lachwekkende hinderlaag  achter een dennetje besprong om ons als hondenbezitter op vette bekeuringen te trakteren, verkondigde in koud ambtelijke jargon dat de gracht om het Noorderplantsoen (waarin Ayke op heterdaad zwemmend was betrapt) in de zin der wet een Openbare Weg was en dat derhalve de aanlijnplicht daar volledig van kracht was.
Op steeds meer plekken, binnen maar ook buiten de stad, moet je je hond aanlijnen. Maar niet rondom Mensinge!
Op de parkeerplaats bij Mensinge bewegen twee grijze dames zich traag naar hun auto. Hun twee hondjes bepalen kennelijk het tempo. Het eerste hondje neemt alle tijd om nog wat te snuffelen, het tweede hondje schuifelt in een rechte lijn langzaam, tergend traag, naar de auto. Ach, nu zie ik dat zijn achterpootjes hangen in een rek op wieltjes… Een hondenrollator! Een uniek apparaat, op maat gemaakt door een vernufteling in dierenprothesen. Is dit belachelijk of ontroerend? Ik weet alleen: dát hebben mensen dus over voor hun invalide viervoeter.
In De Volkskrant van zaterdag 3 oktober een bizar artikel over het klonen van honden. Voor € 100.000,- maken ze in Zuid Korea een genetische kopie van je huisdier. Geen geld natuurlijk, want een kloon van een sterk ras gaat gauw tien jaar mee. Ook in Europa is er vraag naar, volgens de Koreaanse dierenkliniek. Kans van slagen op dit moment 10%, maar de wetenschap schrijdt voort.
Op het pad langs De Loop springt een energieke Duitse Staander tegen zijn baas op. De man gooit een stok naar de overkant van het water. De hond, een vrolijke jonge teef, neemt een aanloop en komt midden in de brede sloot terecht. Met een paar slagen is ze aan de andere kant, met een paar soepele sprongen neemt ze de steile oever, in het hoge gras vindt ze bijna direct de stok. Ze zwemt direct weer terug en legt de stok voor de voeten van de man. Onze Ayke staat er schaapachtig bij en vraagt met wat slappe blafjes om aandacht. Onze bewondering voor de jonge teef roept duidelijk jaloezie op.
De man vertelt dat de hond voornamelijk is opgevoed door zijn echtgenote. Een intensieve training, die in het begin zeker zestien uur per dag aandacht vergde. Het werd echter al snel duidelijk dat de hond eigenlijk alleen haar baas gehoorzaamde.
“Onze hond springt en draaft alle kanten op, niet kapot te krijgen. Op volle snelheid met zestig kilometer per uur! Wham, en weg is ze! Ze luistert niet als mijn vrouw haar terug roept. Misschien omdat mijn vrouw een te hoge stem heeft? Het is wel wrang dat ík alleen profijt heb van die training en mijn vrouw nauwelijks”.
De man gooit de stok nog eens naar de overkant. De hond kijkt hem strak aan. Pas als hij ‘apport’ roept, springt ze met elegante zweefduik weer het water in.
In het televisieprogramma op NPO 2 ‘De kennis van nu’ ging het vorige week dinsdag om intelligentie van honden. Honden zijn briljant in het anticiperen op hun baas. Ze kunnen lichaamstaal en gelaatsuitdrukkingen zien, begrijpen en er naar handelen. Ze snappen de taal waarin complexe opdrachten en commando’s worden gegeven. Naast alle informatie raakten we vooral onder de indruk van de beelden vol trouwe hondenogen, de ontroerend vragende blikken van de hond naar zijn baas.

Bij de vistrap huppelt Ayke direct naar het water. Hij kijkt ons verlangend aan: gooi de bal, gooi de bal!! Balancerend over de gladde keien en basaltblokken haalt hij acrobatische toeren uit om de tennisbal in zijn bek te nemen. Bij sterke stroming en hoog water kiepert hij soms te vroeg het water in, maar nu heeft hij alles onder controle. Hij duikt de bal achterna en zwemt tegen de toch nog stevige stroom in naar de kant.
Daar staan twee jongetjes met hun ouders te kijken naar de circusvoorstelling van onze behendige hond. Maar als de kletsnatte Ayke zich krachtig uit schudt, beginnen de jochies als muizen te piepen en hangen aan de benen van hun ouders. De ouders verontschuldigen zich voor de aanstellerij van hun kinderen. Ze kijken me opgelucht aan als ik verklaar dat ik zelf als kind ook bang was voor grote honden. Maar van Ayke kan ieder kind leren dat je niet bang hoeft te zijn….
In het Sterrenbos, waar Ayke nog wat achter de bal aanholt, komt een middelgrote roodbonte hond ons kwispelend tegemoet. Als ik de eigenaren goed heb verstaan: een Welsh Springer Spaniël.
Ayke negeert de nieuwe hond en gaat liggen kauwen op zijn bal, net zo lang tot die lek is. Zoals zo vaak met hondeneigenaren raken we direct aan de praat.
“Als we hier in het bos lopen, niet aangelijnd, luistert hij nog niet zo goed. Hij is jong en nog in training, als hulp hond. We hebben namelijk een gehandicapte zoon, met beperkingen in het autistisch spectrum”
            We kijken het echtpaar begripvol maar ook verbaasd aan. Verbaasd over hoe ze
zomaar iets over hun zoon vertellen, en in zulke correcte bewoordingen. Thuis lees ik op internet: Een autismegeleidehond is getraind om 3 tot 7-jarige kinderen met autisme buitenshuis te begeleiden. Doordat deze kinderen vaak wegrennen op straat of angstig zijn voor nieuwe situaties, komen sommige gezinnen amper de deur uit. Door het kind met een tuigje aan de autismegeleidehond te koppelen, is wegrennen (‘uitbreken’) niet meer mogelijk. Na het tijdje verdwijnt dit gedrag daardoor vaak en krijgt het hele gezin weer bewegingsvrijheid. Bovendien heeft de hond vaak een positieve invloed op het algehele gedrag van het kind.”

Zo duren de wandelingen in Roden soms wel twee uur. We strijken neer in het gezellige etablissement naast de havezate Mensinge. In steeds meer horecagelegenheden zijn honden niet welkom, maar in Mensinge altijd! 
Met honden heb je ongeveer hetzelfde als met vluchtelingen. Bang voor honden? Snap ik heus wel. Honden een beetje vies en eng? Kan ik ook nog in komen. Maar honden haten? Volledig onbegrijpelijk. Kijk nou zelf...

woensdag 7 oktober 2015

HUIZE SCHAAMROOD IN SCHEEMDA



De kop boven deze blog luidde oorspronkelijk ‘Fietsen in Duitsland is een feest’  De kop die er nu boven staat heb ik deels geleend van de column van René Cuperus in de Volkskrant van maandag 5 oktober.
Het blijft een feit: fietsen in Duitsland is een feest. Heerlijke landschappen, prima fietspaden, vriendelijke mensen.
Zijn Duitsers voor alle fietsers zo aardig? Of vooral voor buitenlanders op de fiets? Waar zagen ze aan dat we buitenlanders waren? Omdat we zo zwaar bepakt en bezakt waren? Hoe dan ook, we voelden ons zeer welkom in Duitsland.
Als we even stil stonden om het routeboekje van de Radweg te raadplegen, stopte er vaak een vriendelijke automobilist met de vraag of ie ons kon helpen.
Natuurlijk. ook in Nederland heb je hulpvaardige mensen. Maar hoe vaak krijg je naar je hoofd geslingerd: HÉ KLOOTZAK, GA AAN DE KANT MET DIE FIETS, JE STAAT MIDDEN OP EEN KRUISPUNT
Op elk kruispunt, bij de oversteek van elke onoverzichtelijke rotonde: als fietser krijg je voorrang, auto’s stoppen altijd.
In elk dorp kwam je wel iemand tegen die aan je gezicht zag dat je op zoek was naar de dichtstbij zijnde bakker.
Kwamen we een inheemse fietser tegen (steeds meer Duitsers lijken de fiets te ontdekken) van wie we, ondanks de goede bewegwijzering, toch even de goede richting wilden weten, dan liet die ons de keuze tussen de mooiste of de snelste route.
De Nederlandse fietsknooppunten: ideaal systeem, maar alleen voor fietsers. Mocht je een knooppunt missen, vraag het nooit aan een localo: FIETSKNOOP-WAT? 26? MOET DAT HIER ZIJN? NOOIT VAN GEHOORD. RIJ MAAR GEWOON RECHTDOOR

Het stortregende de hele dag en we besloten een stuk van de route met de trein te doen. Op het kleine station zaten échte lokettisten, échte mensen van het spoor, die de tijd namen om met ons mee te denken over de beste en voordeligste route. “Haben Sie een foordeeloerenkart? Dann kann es noch billiger!”
Vaak staken mensen ons een helpende hand toe als we onze veel te zwaar bepakte fietsen trap-op trap-af moesten slepen naar een ander perron.
Natuurlijk, ook in Nederland loopt er wel eens een behulpzame NS’er op een station, maar meestal is het:  KAARTJES? ALLEMAAL IN DE AUTOMAAT. DAAR JA, EINDE PERRON. FIETSKAARTJES? ALLES IN DE AUTOMAAT.

Fietsen in Duitsland. Zó mens- en milieuvriendelijk, zó gastvrij, dat we in een onbeschaamd en door geen Duitser opgemerkt ogenblik ons afvroegen: “Hebben jullie soms wat goed te maken…?”
’s Avonds op een kleine camping raakten we aan de praat met een groep vrienden die een vrijgezellenweekend vierden omdat een van hen ging trouwen. Luidruchtige Duitsers, vooral als ze drinkliederen gaan aanheffen, ga ik liever uit de weg. Maar deze jongens hadden een weemoedige en sentimentele dronk.
Met één van hen, net afgestudeerd als jurist in Hamburg, werd het contact wat persoonlijker. We hadden al afgesproken om elkaar te tutoyeren. ‘Duzen’ is heel wat voor een Duitser, zeker voor een jonge Duitse jurist. Toen we afscheid namen, wilde hij nog één vraag stellen:
‘Zeg eens eerlijk, hebben jullie een hekel aan ons?”
We snapten niets van de vraag. Hoezo, een hekel?
“Omdat we Duitsers zijn…?”, stamelde hij, haast onderdanig.

René Cuperus in De Volkskrant van 5 oktober:
‘In Nederland is sprake van een tamelijk lauwe, timide en wantrouwige welkomstcultuur. En er is dus die massale volksopstand gaande in de peilingen. Volgens Maurice de Hond heeft de PVV momenteel zelfs een potentieel tot wel 45 zetels. Wat gaat hier mis? Waarom bestaat juist in Nederland zo’n weerzin tegen vluchtelingen? Geen welkomstcultuur, maar een ‘rot-op-cultuur’


Dat hartgrondige wantrouwen tegen vluchtelingen doet denken aan het eind van de jaren ’30, toen duizenden Duitse Joden (onder wie de familie Frank) naar Nederland vluchtten omdat het hier veiliger zou zijn. Ook toen al werden talloze ‘gelukzoekers’ terug over de grens gezet. Nota bene op kosten van de Joodse gemeenschap werd in 1939 in Drenthe, toen nog echt het land van turf, jenever en achterdocht, een asielzoekerscentrum vol tochtige barakken opgericht. Dat was in Westerbork…
Wat hebben we veel goed te maken, hier in Nederland en in Duitsland.

Aan het eind van onze vakantie fietsten we in Oost Groningen de Duits-Nederlandse grens over. Na ruim een uur fietsen zochten we in Scheemda, maar het had ook in Beerta kunnen zijn, een cafetaria wegens onbedaarlijke zin in patat en croquetten.
De eerste snackbar waar we langs reden bleek die maandagmiddag gesloten. Ik vroeg aan een winkelier aan de overkant of er misschien nog een andere cafetaria of een restaurant open was. Zag of hoorde hij, wellicht aan onze accentloze uitspraak van het Nederlands of aan onze zwaar bepakte fietsen, dat we geen autochtone ‘Scheemders’ maar vreemdelingen waren?
HIER AAN DE OVERKANT
“Ja, maar die is dicht”
DAN IS ALLES DICHT
“Misschien een restaurant of een eetcafé?”
IK ZEG TOCH DAT ALLES DICHT IS OP MAANDAG
“Nou, in de stád Groningen zijn de meeste cafetaria’s open op maandagmiddag”
JE DOET DUS OF SCHEEMDA EEN ACHTERGEBLEVEN GEBIED IS
“Dat doe ik echt niet. Waarom zou ik iets tegen Scheemda hebben?”
IK ZEG JE: ALLES IS DICHT
Ik maakte een eind aan de conversatie met een cynisch “Nou, welkom in Scheemda”.
ROT DAN OP


Opeens schoot me een fragment uit een oude voorstelling te binnen van Neerlands Hoop in Bange Dagen (hoe actueel kan een titel zijn...) met Bram en Freek: over een inzamelingsactie voor 'Huize Schaamrood in Scheemda'. Het had ook Huize Beerput in Beerta kunnen zijn.